5f44b755
U gebruikt een verouderde browser. Wij raden u aan een upgrade van uw browser uit te voeren naar de meest recente versie.

Suriname 2012

 

Vrijdag, 17 februari – Vertrek naar Suriname.

Na een wat onrustige nacht is het verzamelen in Oss bij Hans. Jos Hoedeman en de ouders van Geert-Jan spelen voor taxi en brengen ons naar Schiphol. Daar aangekomen is het altijd weer even zoeken om de juiste incheckbalie te vinden. Balie nr. 32 in vertrek hal 4 was de aangewezen plek. Inchecken per internet is nog niet mogelijk dus het is aansluiten in de rij en geduldig zijn. Maar de vakantie is begonnen dus wij hebben de tijd. Vooraf nog even een toeristen kaart gekocht (€ 20,-) en voorts inchecken maar. Helaas bij mij (Theo) is er iets fout, mijn achternaam schijnt niet correct ingevoerd te zijn en het tussen voegsel ‘van’ is vergeten. Dit bleek een onacceptabele fout te zijn die per omgaande gecorrigeerd diende te worden op het kantoor van SLM te vinden op verdieping 7 kamer C737. Voor het luttele bedrag van €50,- zou dit wel aangepast kunnen worden zodat ik toch nog mee zou kunnen. In gezelschap van Geert-Jan maar de desbetreffende kamer opgezocht en de vriendelijke dam, die reeds op de hoogte gebracht was van onze komst, gevraagd de correctie aan te brengen. Service gericht als ze was kon dit gelukkig geheel gratis geschiedden waarvoor nog vanaf deze plek mijn dank.

wachten op het vliegveld schipholwachten op het vliegveld schiphol

Goed, ook ik kon nu dus inchecken en alles verliep nu voorspoedig. Na dit voorval was het tijd voor de lunch en bij een Italiaan werden lekkere broodjes besteld. Een broodje ham heette hier een ciabatta jambino, klinkt toch al wat exotischer dan broodje ham. Dat de broodjes hard waren bleek toen vriend Hans een ferme hap nam en pardoes zijn kunstgebit beschadigde. Als gevolg hiervan volgde al vlug het eerste contact met Henna om tandheelkundige hulp te regelen bij aankomst in Paramaribo. Dit werd mooi in 10 minuten geregeld en we waren benieuwd naar de kosten.
Maar goed, na door de douane check gegaan te zijn en de nodige spiritualiën inkopen gedaan te hebben was het wachten geblazen alvorens in te kunnen stappen. Mooi op tijd zijn we dan toch opgestegen in “onze” Airbus 340-300.

Na een aangename vliegreis zonder noemenswaardige turbulentie maar wel lange vluchttijd van ong. 9 uur zijn we dan toch aangekomen op Zanderij, het internationale vliegveld van Suriname. Zanderij ligt nog zo’n kleine 50 km van Paramaribo dus er moest nog wat getoerd worden alvorens we aankwamen in ons overnachtings hotel “blue Heaven”. Het hotel ligt slechts luttele minuten lopen van het gezellige café        ’t Vat waar we al snel ons neervlijden voor een potje gerstenat, ook bekend als Parbo, en bitterballen. Nog even snel Henna gebeld voor de komende afspraken, reparatie kunstgebit Hans, ontbijt tijdstip (8:30 uur) en vertrek tijd (10:00 uur)

Inkopen voor de tocht door de gidsInkopen voor de tocht door de gids

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Zaterdag, 18 februari – Vertrek naar Apoera.

Na een goed ontbijt ging Hans samen met de inmiddels gearriveerde gids (Frits) naar de Tandtechnicus. Ondertussen hielden wij ons bezig met Henna die ons kwam vergezellen. Onder het genot van thee & koffie werd de planning nog eens doorgenomen en de laatste onenigheid glad gestreken tussen Geert-Jan en Henna.

 

 

Activiteit

Datum febr. 2012

 

1

Vertrek Schiphol naar Zanderij,

Verblijf in Blue Heaven

17

2

Vertrek richting West Suriname met overnachting op Apura.

18

3/4/5/6

’s Morgens per boot naar Avanaverovallen met overnachtingen

19/20/21/22

6/7

Vertrek naar Apura met overnachting 

22/23

7

Vertrek richting Blanche Marie

23

7/8/9/10/11

Verblijf op Blanche Marie en Bakhuys gebied

23/24/25/26/27

11/12/13

Vertrek  naar Witagron om met overnachting

27/28/29

13/14/15/16/17

Verblijf op Ralleighvallen

29/1/2/3/4

17

Vertrek richting Brownsberg overnachting Zanderij gebied

4

17/18/19/20

Verblijf op Brownsberg

4/5/6/7

20/21/22/23

Vertrek boven Suriname,verblijf op Theata/Kwai Kwai eiland

7/8/9/10

23

Terugkeer naar      Paramaribo

10

23/24/25

Verblijf in Paramaribo

10/11/12

 

Gelukkig waren er geen “last minute” wijzigingen zodat alles volgens plan zou kunnen doorgaan.

Omstreeks 10:30 uur was ook Hans weer present. Hij was naar alle tevredenheid geholpen en kon weer alles bijten. Louis, Geert-Jan en Ik waren al van plan om vloeibaar voedsel in te slaan maar dat hoefde niet te gebeuren. De tandtechnicus was lid van de pinkstergemeente en mocht op zaterdag geen betaalde arbeid verrichten. De nota zou dus later komen.
Nadat we ons verzamelden en alles ingeladen was, konden we vertrekken naar Apoera. Volgens Henna een ritje van slechts 5 uur. De chauffeur echter repte van een reistijd van 7 á 8 uur. Wie zou er gelijk krijgen ?

Na de afslag bij “de As” hield het asfalt al vlug op en hobbelden we van kuil naar kuil en werd de bijnaam “bauxietweg” al snel duidelijk door de rode kleur van de weg en het opstuivend stof. Na nog wat inkopen gedaan te hebben bij de laatste supermarkt en lokaal marktje langs de weg kon de tocht pas echt beginnen. Al snel hield ook de bebouwing op en was het al oerwoud en savanne wat de klok sloeg. Soms werd het uitzicht afgewisseld met kleine nederzettingen, omgevallen en niet opgeruimde bomen, rivier overgangen en wat je al niet meer kunt tegenkomen op een weg als deze. Onbegrijpelijk dat dit de hoofdweg is van oost naar west Suriname. Op vele plekken door het zware vracht verkeer (hout hak industrie) was de weg alleen te berijden met een 4WD. Bij de Tibliki brug werd de eerste pauze ingelast en konden de ruggen en benen gestrekt worden. Bij deze pauze werden we ook voor de eerste keer geconfronteerd met een troep aapjes die de weg overstaken. Prachtig hopelijk zien we er nog vele.  Naast de diverse gespotte hagedissen (Ameiva ameiva) was dit een welkome afwisseling
Al snel bleek echter dat chauffeur Norma het bij het rechte eind had en Henna ongelijk, een reistijd van 5 uur gingen we bij lange na niet halen !
Veel verkeer was er overigens niet, geregeld werden we tegemoet gereden dor volgeladen vrachtwagens met hout wat een veeg teken was dat deze weg gebruikt werd om het oerwoud te ontdoen van kostbare bomen.
Geregeld werd de weg geheel of gedeeltelijk geblokkeerd door omgevallen bomen en was het zaak oplettend te rijden. Ook was te zien dat het oerwoud een poging deed om de weg te heroveren en kwam de begroeiing aardig de weg op van weerskanten.
Tijdens de rit werden diverse lokale vruchten genuttigd (pompoen, lychee) aangevuld met saté en loempia’s.

Bij de volgende rustpauze aan een zijrivier van de Nickerie, kwamen we ook de eerste cichliden en karperzalmen tegen (Krobia’s en Moenkhausia’s) in zgn. “Colawater”. Tijdens een reddings operatie van een overstekende “kolenbrander” schildpad werden we ook verrast door een colonne prachtige sprinkhanen, groot en klein door elkaar wat een prachtig gezicht gaf.
Tegen zessen lokale tijd kwamen we dan aan in Apoera na een rit over een weg die het beste te vergelijken is met een ritje in de Python en Pegasus van de Efteling ineen, en werd de bus ontladen.
Na het smakelijke eten werd het spoedig donker en moesten de hangmatten voor het eerst opgehangen worden. Frits legde ons geduldig uit hoe deze met vaste en zekere knopen te bevestigingen zodat we niet ’s nachts verrast werden met ineen stortende hangmatten. Na dit klusje geklaard te hebben werden de, vele ons toe fluitende kikkers, gezocht. Dit bleek moeilijker dan gedacht en slechts een enkel exemplaar werd gelokaliseerd (een maki kikker).

MakikikkerMakikikker

Zondag 19 februari – Vertrek naar Avanavero vallen.

Gewekt door de hanen en lekkere “Suri-beat” als vervolg van het nachtelijk “gezaag” ,door wat later door Geert-Jan het Rosenberg trio genoemd werd, is het tijd voor het ontbijt. Omstreeks 10:00 uur worden we opgehaald met een busje om naar een ander vertrek punt te gaan. Door de lage water stand is de oorspronkelijke plek niet geschikt meer.

Alle spullen worden ingeladen en tot onze verrassing ook een oude diepvrieskist. Naar later bleek werden hier de noodzakelijke ijsblokken in gedeponeerd om de groenten, vis en vlees gedurende ons verblijf bij de Avanavero vallen goed te houden. Een viertal klapstoeltjes zorgen voor een aangename zit tijdens de vaartocht die, naar

 

verwachting van de bootsman (King), zo’n 3 uur zal duren. Gedurende 1,5 uur varen we de Corantijn rivier, die de grens vormt tussen Suriname en Brits Guyana, stroomopwaarts op om vervolgens een kleinere zijrivier, de Kabalebo, op te varen. Kleiner moet overigens met een korreltje zout genomen worden want met deze waterstand is ie breder dan de Rijn en Maas.
Kilometers varen we over met oerwoud omzoomd rivierwater, rechts Brits Guyana en links Suriname. Oneindige veelvormigheid van soorten bomen en struiken in talloze schakeringen van groen gaan aan ons voorbij. Slechts tweemaal komen we een ander bootje tegen. Eindeloze rust dus. Vele vlinders (droogtevlinders- Geel/Wit gekleurd) maakten de oversteek van Suriname naar Brits Guyana, Waarvoor ? Het is en blijft een raadsel. Enkele zwaluwen en andere vogels scheren over het water en geven nog enigszins de indruk dat er ander leven is buiten ons en de vlinders. Ter afwisseling wordt er ook nog een enkele reiger en schaarbek gezien en dan plots! Apen! 2 soorten speelden in de boomtoppen en waren goed te zien maar moeilijk te fotograferen. De spin apen en doodshoofd aapjes waren door onze oplettende gids Frits gespot en deze liet dan ook direct de korjaal halt houden.

Na een kleine 4 uur varen zijn we er dan eindelijk. Het geruis van de Avanavero vallen wordt steeds luider en we meren aan op een klein zand eilandje voor de “vallen”. De korjaal wordt snel leeggehaald en Frits en King beginnen snel met het opzetten van het kampement om dit voor het invallen van de duisternis geregeld te hebben. Beiden gaan in het gezelschap van Geert-Jan stammetjes kappen om als staanders te fungeren voor het op te zetten afdak. Ook moeten deze onze hangmatten kunnen dragen. Het opzetten van het geraamte geeft echter wat problemen en de 1e test wordt dan ook niet doorstaan. Met behulp van wat extra versteviging en touwen wordt de 2e test echter met “vla

Bouw het kamp met stammen en doe er een zeil overheenBouw het kamp met stammen en doe er een zeil overheen

g en wimpel” doorstaan waardoor we de nacht met gerust hart tegemoet kunnen zien.

Opbouw van een kamp hak eerst stammen van kleine bomenOpbouw van een kamp hak eerst stammen van kleine bomen

 

 

 

 

Het eilandje werd door ons 4’en direct na opzetten van het kampement doorzocht en de oogst bestond uit de inmiddels bekende hagedissen Ameiva ameiva en hoe verrassend in de poel op het eiland,   glinsterde de ogen van een kaaiman  in het lichtschijn van maan

Frits verrast enkele rustende vissen tussen de rotsblokken met zijn machete en vult zo het menu aan met verse vis. Lekker klaargemaakt op een houtvuurtje doet dit de sfeer op het eiland alleen maar toenemen. onze koplampen. Morgen gaan we naar hem op zoek !  Een jonge groene leguaan (Iguana iguana). ’s Nachts ontdekken we ook nog vleermuizen die, naar we later achter komen, vaak aan de waterkant bivakkeren tegen boomstammen. Tevens ontdekken we in de aanwezige stilstaan

Moe maar voldaan worden de hangmatten opgezocht voor de ultieme test en vallen we in een diepe slaap met het geluid van de “vallen” op de achtergrond

Maandag 20 februari – verblijf Avanavero.

Vroeg vertrekken we met de korjaal naar het tegenoverliggende eiland. Enkele van de “v/d valk keten” bekende toekans vliegen over ons heen. Op het eiland echter verder weinig interessants te ontdekken of het moeten de –verse- sporen zijn van een jaguar. Bizar om te weten dat deze zo dichtbij geweest is vannacht. Nadat we overvallen worden door een tropische regenbui schepen we weer in en gaan naar de vaste wal. Bij deze eerste wandeltocht door echt oerwoud komen we ook onze eerste pijlgif kikkertje tegen Epipedobates trivittatus. Er zouden nog vele trivittata volgen deze vakantie. Geregeld werden ook jonge dieren tegengekomen evenals sporen van hert en tapir. Verwonderlijk is het om te zien hoeveel verschillende soorten vlinders en sprinkhanen we tegenkomen. Ook Heliconia’s bloeien in volle pracht, volgens Frits biedt Suriname aan een 14 tal soorten onderdak.  We komen ze bloeiend tegen van klein (minder dan 1 meter) tot groot (meer dan 3 meter hoog).Epipedobatus trivitatusEpipedobatus trivitatus

Omstreeks 14:00 uur weer terug naar ons eigen eiland waar een keuken tafeltje gefabriceerd werd met eenvoudige hulpmiddelen en Frits ons een heerlijk Surinaams soepje beloofde.
Dit soepje kwam er echter niet van maar wel een rijsttafel met een bruine bonen saus, heerlijk ! Als we dachten reeds flinke regenbuien gehad te hebben was er nog een verrassing in petto, een echte tropische hoosbui. Zo erg dat het afdak boven onze hangmatten dreigde te bezwijken en er extra maatregelen getroffen moesten worden. Na deze bui ging de geplande avondwandeling niet meer door vanwege verwachtte gladheid.Maar niet getreurd, onder het genot van een hapje en drankje werd er volop nagepraat. In het licht van onze koplampen lichtten de ogen van Harrie onze eiland genoot, de kaaiman, weer uitnodigend op waardoor we wisten dat ie er toch echt nog wel zat. Frits ging nog even vissen met de machete en kwam al rap terug met een tweetal vissen die als aas dienden voor Geert-Jan om grotere (piranha’s) te proberen te vangen. Helaas volgende keer hopelijk beter.

 

Dinsdag 21 februari – verblijf Avanavero.

Na het ontbijt weer op pad naar de waterloop die we gisteren tegenkwamen. Eerst werden er nog wat hengels opgehaald bij een ander kamp. Bij verrassing kwamen we hier enkele vleermuizen tegen die aan de waterkant hun rustplaats tegen een boom gevonden hadden. Na bij de waterloop aangekomen te zijn werden de hengels gereed gemaakt en de lijnen uitgeworpen. Het was alsof erop gewacht was en luttele minuten lagen de eerste meervallen aan de kant die snel gevolgd werden door enkele cichliden (Krobia & Crenicichla) en een enkele roofzalm (Hoplias).
Terug in het basiskamp bleek het waterpeil van de kaaimanplas zover gezakt dat we het aandurfden om Harry te gaan vangen. Na hem voorzichtig gelokaliseerd te hebben werd er een doek overheen geworpen en werd hij boven water gehaald door Frits. Na hem aangelijnd te hebben, om te voorkomen dat ie er als een speer vandoor zou gaan, werd hij uitvoering op de digitale plaat vastgelegd.
De aasvis werd ook weer klaargemaakt en Geert-Jan ging zijn geluk weer eens beproeven om nu eindelijk een piranha te vangen. Het werden echter alleen een soort kleine karperzal

men, laten we zeggen sardientjes.

Op het einde van de middag begon weer eens de douche te stromen. Een gordijn van water kwam op ons af en Hans en ik haasten ons uit het heerlijke verkoelende water van de Kabalebo. De bui bleef wat langer dan verwacht “hangen” en voor het eerst deze vakantie kwamen de kaarten tevoorschijn voor een stevig potje Rikken. Geert-Jan moest eerst nog de regels van het spel bijgebracht worden maar pikte deze vlug op waarna hij zich niets meer wijs liet maken. Omstreeks 20:00 uur werd het wat droger en schaarden we ons weer rond het, inmiddels door Frits en King aangelegd, kampvuur om te genieten van de vanmorgen gevangen meervallen en roofzalm. Heerlijk klaargemaakt en gebakken op een geïmproviseerde BBQ in gezelschap van de inmiddels bekende kip saté.

Woensdag 22 februari – vertrek Avanavero.

Nadat iedereen betrekkelijk vroeg uit de veren was werd er ontbeten met havermoutpap. De meesten van ons lieten het zich smaken bij Hans kwamen echter jeugd trauma’s bovendrijven en hij liet de pap voor wat het was en bedankte. Geert-Jan lustte er echter wel pap van en nam ook Hans zijn portie voor zijn rekening.
Na het ontbijt werd er haast gemaakt om het kamp af te breken en alles in de korjaal te laden. Omdat het water van de Kabalebo nu een meter gezakt was ging e.e.a. vlotter en beter dan met het uitladen. Na een vluchtige inspectie van de, nu wel erg geslonken, waterplas bleek ook Harrie de kuierlatten gepakt te hebben en was deze niet meer te bespeuren. Ook wij vertrokken nu het verblijf van de afgelopen drie dagen achter ons latend. Onderweg naar Apura werd er nog gestopt om bij enkele vissers ons overgebleven ijs te ruilen voor een Aiowara (dit is een grote, veel gevangen vis voor de consumptie/vis markt). Tijdens de vaartocht die nu wat sneller ging omdat het stroomafwaarts ging vlogen diverse rode ara’s over ons heen in paartjes of trio’s en wederom staken er vele duizenden vlinders de rivier over.

Na een klein 2,5 uur kwamen we weer aan in Apura en na e.e.a. uitgeladen te hebben werden er diverse zaken opgehangen ter droging. Als verrassing bleken er op dit verblijfadres ook trivittata rond te huppelen. Die hadden we bij de eerste aankomst gemist. Een snelle zoektocht leverde al snel diverse exemplaren op van deze mooie pijlgifkikker.
Ondertussen werd er van de mogelijkheid gebruik gemaakt om alle batterijen van de camera’s weer op te laden om niet voor verrassingen komen te staan bij ons volgende verblijf op Blanche Marie. ’s Avonds nog de bosschages nagespeurd en enkele kleine boomkikkertjes, een enkele pad en de eerste vogelspin gevonden

Donderdag 23 februari – vertrek naar Blanche Marie.

Vanochtend snel de hangmatten en andere zaken opgeruimd om bijtijds te kunnen vertrekken naar Blanche Marie. Het vertrek werd echter enigszins vertraagd doordat er ander vervoer geregeld moest worden vanwege de gesteldheid van de weg. Door de vele regen van de afgelopen dagen was de weg nog meer verslechterd. Maar de wachttijd werd prettig ingevuld doordat een kolibrie zich verstrikte in het horrengaas van de keuken en kon dit al veel geziene vogeltje nu ook eens op de foto vastgelegd worden.
Eindelijk was het vervoer er dan en konden we Apura achter ons laten na eerst nog wat inkopen gedaan te hebben bij de lokale supermarkt. Alles kon maar net in de 4WD waar 2 personen in de laadbak bij de spullen moesten plaatsnemen. Er was reeds eerder besloten om niet rechtstreeks naar Blanche Marie te rijden maar naar een vissers/jacht kamp te gaan en daar met een korjaal verder te gaan.
Dit overstap punt werd echter te laat bereikt (nog 4 uur varen naar en onbekende toestand accommodatie BM) en besloten werd om hier de nacht door te brengen. In het kamp kwam even later een groep mensen terug van een jachtpartij en werd een geschoten wild zwijn(tje) geslacht. Het jachtseizoen sluit van 1 april tot oktober en per dag/jachtsessie mag er maar 1 prooi (hert, zwijn, aap of tapir) geschoten worden. Volgens de jager smaakte van al dit bushmeat het zwijn het beste.
Om de tijd te doden werd er nog wat gewandeld in de omgeving en werden er vele mooi gestreepte hagedissen aangetroffen. Een bruine slang had er zojuist zelfs een te pakken gekregen maar werd door ons enthousiasme gestoord en ging er rap vandoor zonder dat hij de buit kon verorberen. Ook een apart graafkikkertje werd onder het omgedraaide hout gevonden en probeerde er als een hazewind van door te gaan. Dat dit niet lukte bewijst de foto.

We zouden de plek van het jachtgezelschap innemen maar deze maakten geen haast met de ontruiming van de plek en we moesten dus rustig afwachten. Tijdens de inmiddels dagelijkse regenbui nam Geert-Jan maar eens een verfrissende douche. Hierna begon het al wat donker te worden en kraste het jachtgezelschap eindelijk op zodat we onze matten konden ophangen. Door dit getreuzel werd er pas laat gegeten en konden we pas laat aan onze avond wandeling beginnen. De donkere nacht was onvoorstelbaar en de nu heldere hemel gaf een schouwspel van vele, vele sterren. Het was zelfs zo donker dat als de koplampen uitgedaan werden we ook na een paar minuten nog niets op een armlengte onderscheidden kon worden. Ook de maan was immers nog maar in het eerste kwartier.
Met de koplampen aan werden diverse nachtzwaluwen gevonden die als we ze op een meter benadereden geruisloos opvlogen om een paar meter verderop weer op de grond plaats te nemen. Op de terugtocht ontdekte Geert-Jan (wie anders!) wat in een boom. Bij nadere beschouwing bleek dit een groene boom boa te zijn van een kleine meter, natuurlijk werd deze uitgebreid op de foto vastgelegd. Aangekomen bij het kamp werden we verwelkomd door een oorverdovend gebrul van naar later bleek een tweetal (boom)kikkers. We hadden dit geluid al eerder gehoord maar hoe dichter we bij het kamp kwamen hoe luider het werd en na enig zoeken vonden we de boosdoeners. Een tweetal Hyla boans zaten elk in een eigen boom een kwaakten elkaar naar hartenlust toe. Hans gaf aan dat dit weleens de gehele nacht zou kunnen duren. Gelukkig deze keer had ie het bij het verkeerde eind en na enige tijd hield het gekwaak op.