5f44b755
U gebruikt een verouderde browser. Wij raden u aan een upgrade van uw browser uit te voeren naar de meest recente versie.

 

15-12-97, Bezoek aan de dierentuin.

 

We zijn om 7.00 u opgestaan.

Willy en André gaan naar KAW om nog een keer kikkers te kijken.

Joep, Ton, Olof de fotograaf en ik gaan naar de dierentuin.

In deze dierentuin worden alleen inlandse dieren gehouden.

Daar aangekomen zien we kaaimannen, div soorten slangen waaronder Anaconda’s.

Honderd ara’s in een zeer grootte kooi is overdreven ik zou zeggen laat de helft vrij, luiaards, apen, vissen en panters.

Ook de kolenbrander schildpad Geochelone carbonaria, en woudschildpad Geo. denticulata.

De tuin is 55 ha groot, ook is er een stuk oerwoud met veel loopbruggen.

Een leuke dag was het. Om 16.00 u waren we weer thuis, daarna het dagboek bijwerken, eten en PUNS drinken en weer Hyla’s zoeken.

We moeten we van Joep altijd rubberlaarzen dragen ook in zijn oerwoud.

Waarom? De gifslangen bijten altijd tussen je enkel en je knie,  hoge schoenen zijn dus te laag. Daar heeft hij gelijk in.

Joep is voorzichtig voor zijn gasten, veiligheid voor alles, en daar heeft hij groot gelijk in.

Hij wil dat zijn gasten heel en goed thuis komen.

 

 

16-12-97, Bezoek aan een hout uitsleep plaats.

 

Om 7.30 uur opgestaan en om 9.00 u vertrokken.

We gaan naar het KAW gebergte, daar zijn twee en een half jaar geleden grote bomen gekapt.

Er word als volgt gewerkt: men inventariseert alle waardevolle bomen, maakt grote paden door het woud met een soort hoofdweg met zijwegen die naar de te kappen boom lijden.

Men kapt de bomen en sleept de stammen via het hoofdpad naar de asfaltweg.

Dit is nog de betere manier, het oerwoud blijft dan bestaan en de paden zijn ongeveer 10 a 15 meter breed en zullen na 10 jaar dichtgegroeid zijn.

Op een splitsing van het pad ga ik met Joep links af en de andere weg gaat rechts.

De paden hebben diepe sporen van de boomwagenwielen. Deze wielen zijn tweeën een halve meter hoog.

We zien geen kikkers maar wel vee l andere planten.

Ook de plant Anthurium Moonenii welke naar Joep genoemd is ( het was een niet beschreven plant) omdat hij hem heeft gevonden. Hij is erg gespecialiseerd in de Anthurium soorten.

Thuis heeft hij dan ook veel soorten in zijn woud.

De andere komen later terug met een noot ter grote van twee vuisten en daar hebben we er wat van mee naar huis genomen.

We rijden verder en komen bij een plas waar een afdakje is, daar willen we wat gaan eten.

Plotseling valt er een Hyla rubra Nacht kikker  van het dak gevolgd door een slang van 2 meter. Ik heb het fototoestel in de auto.

We hebben wel de Hyla rubra gevangen maar de slang was te snel.

Rondom de plas stonden prachtige bomen met begroeide Orchideeën en Tillandsia’s.

We lopen een bospad op dat erg smal is 50 cm met het kapmes slaan we de begroeiing weg  prachtig werk .

Na een half uur lopen komen wij niet meer met het kapmes door de begroeiing, en gaan terug.

Wel veel Filodendrons in de bomen. Om 16.00 u zijn wij weer thuis en de planten die we verzameld hebben geven we water.  Morgen gaan we 3 dagen weg naar de MARONI rivier waar we ook kikkers hopen te vinden.

 

17-12-97, De  REGINA-MATARONIRIVIER tocht.

 

Om 7.00 u zijn we wakker, om 9.00 u zijn we vertrokken. We nemen de motorboot mee, tenten, eten en drinken, ook slaapmatten, al met al een boot vol spullen.

Na 2 u rijden komen we aan in Regina, een klein dorpje aan de Apowak rivier.

We laten de boot te water en laden de spullen in de boot.

Na 20 minuten varen verlaten we de Approuaguerivier en gaan de Mataronirivier op, dit is een kleine rivier.

Deze heeft ook stroomversnellingen en we komen aan op onze kampeerplaats, boven op een rots.

Joeps eigenlijke plaats is ingenomen door geologen die naar goud  zoeken.

Wij laden de boot leeg en brengen alles naar boven.

Ons kamp licht hoog boven de rivier, we hebben een mooi uitzicht.

De 3 tenten worden opgezet, we kunnen niet in hangmatten slapen,

maar op slaapmatten van 2 cm dik.

Nadat we het kamp klaar hebben gemaakt gaan we het goudzoekers kamp bezoeken.

Een geologe en 2 Indianen hebben in het woud een raaienstelsel uitgezet.

En ze maken paden met de bulldozer. Op bepaalde plaatsen worden met een kraan gaten gegraven van 7 meter diep, de grondmonsters worden onderzocht of het genoeg goud gehalte heeft.

Wanneer dat zo is, dan word het oerwoud ontgonnen.

Joep hoopt dat ze niets vinden in dit prachtige  gebied.

We zien een dode boom waar een bijzondere bromelia in groeit.

Ton wil de boom wel omzagen. We lenen een kettingzaag en Ton maar zagen.

De ketting is bot en de benzine is op, de boom valt niet om.

Erg jammer, maar Joep zegt dat de boom wel zal omliggen als hij in februari weer terug komt.

Later op de avond maken we een kampvuur, Ton is daar goed in.

De goudzoekers komen kijken en brengen ijsklontjes  mee voor de PUNS .

Ze maken stroom dus kunnen ze ook koelen.

Het is erg gezellig we hebben het over hoe hun werken.

Om 18.30 u is het donker, het is prachtig om zo over de rivier uit te kijken en in het donker bij het kampvuur naar de geluiden te luisteren.

We hebben geen stoelen maar zitten op boomstammen of op de koelboxen.

Wel primitief maar erg mooi.

We gaan slapen in de tent, onder het matje zitten veel wortels het ligt niet fijn.

Waar een slaappil dan niet goed voor is.

later schreef Joep mij dat de boom in februari was omgevallen op deze boom zat een Aechmea van 1,5-2.00 cm van een onbekend soort in zat.

18-12-97, 2e dag REGINA MATARONI RIVIER tocht

 

We worden om 6.00 u waker van het geluid van de brulapen, wat maken die beesten een lawaai.

Het bos ontwaakt, de nevels trekken op, de zon komt over de heuvels en wij maar genieten.

Een bad in de rivier is heerlijk fris. Ontbijt tussen de geluiden.

Om 9.00 u varen we al op de Mataroni rivier via de stroomversnellingen.

Na 20 minuten proberen we aan land te gaan.

Ton stapt overboord maar er is een slijkbodem dus hij kan er niet staan, en hij kan niet zwemmen dus hij houdt zich vast aan de boot.

We nemen eerst een foto, dat is leuk voor later. Willy en ik hijsen hem weer in de boot.

Dus gaan we ergens aan land via gladde  boomstammen, dat lukt.

We zijn nu in het woud en er zijn geen paden.

Joep stelt voor dat Willy en André langs de rivier lopen en wij lopen verder de heuvel op.

Zonder pad in het oerwoud is het er erg gevaarlijk.

Joep knakt om de 10 meter takken af of slaat met zijn kapmes een stukje uit de boom zodat je later de weg weer terug kan vinden.

We zoeken de Den tinc Geel rug. Ze zitten meestal tussen de plankwortels. De bomen staan 40 meter uit elkaar en zijn 70 meter hoog.

Geen kikkers te zien het is te droog.

Ik zie een grote omgevallen boom, wij lopen naar de boom.

Hij heeft een doorsnede van 3 meter en is 70 meter lang.

Op de omgevallen boom zit een cluster Aechmea setigera een bromelia-achtige met veel jonge scheuten, dat is een bijzonderheid.

In de koker leeft een koppel Dendrobates vertrimarculus, (kikker) ongeveer 3 cm groot.

Ook zitten er larven in de koker.

Deze nemen we mee en ook de kikkers vangen we, een is er ontsnapt maar deze vangen we later.

Plotseling ziet Ton een geel rug, ik heb geluk dat ik hem kan vangen.

Dat er alleen maar kikkers rond de boom zitten komt omdat het daar natter is.

In een boom verderop ziet Joep een Billbergia violacea zitten (bromelia).

Met een lange tak proberen we de plant van de boom te halen, maar dat lukt niet.Hij zit op 12 meter.

Terwijl ik bij de omgevallen boom blijf om te zoeken naar kikkers,

gaan Joep en Ton met hun kapmes de boom omhakken, gemiddelde doorsnede van de boom is 40 cm.

Ze hebben een uur gehakt voordat de boom omviel.

En de plant is meegenomen voor Joep zijn verzameling.

Ook werd door mij nog een Geelrug gezien, maar deze was te snel.

Later kwam hij weer te voorschijn en hebben we hem met zijn drieën ingesloten en gevangen.

Toen we besloten hadden om terug te gaan kwam er nog een Geelrug te voorschijn.

Bovendien zagen en hoorde we een groep spinapen, ze gooiden met takken naar ons.

Dan moeten we de weg via de gebroken takken die Joep heeft gemaakt weer terug vinden.

Dat valt niet mee, alle bomen lijken op elkaar zelfs Joep moet goed zoeken maar hij is een ervaren spoorzoeker.

We komen weer bij de boot het is nu 12.30 u.

Willy en Andre’ hebben geen kikkers, wel groene eieren en ze hebben een vogel gezien.

Met onze vangst waren ze wel blij, Willy kweekt deze kikkers ook na.

We gaan in de boot en varen terug naar ons kamp.

Daar rusten we uit van de vermoeiende tocht, maar het was toch goed te doen.

Ook voor onze ”holebeer,” zo noemen we  André .

We nemen een duik in de rivier, dat frist op.

Joep kookt en we nemen nog een PUNS.

We zagen nog een boompje om, voor het kampvuur.

Het is snel donker maar wel leuk bij het vuur.

Morgen gaan we weer weg, nog een nacht op de boomwortels slapen.

Je voelt je erg verbonden met het oerwoud.

 

 

19-12-97, 3e dag REGINA - MATARONIRIVIER tocht.

 

We worden weer wakker van de brulapen, heel bijzonder.

Ons ontbijt is tijdens de opgaande zon en de nevels trekken op boven de rivier.

Nog een kleine tocht vanuit het kamp naar de goudzoekersplaats.

Na een half uur lopen komen we weer bij een omgevallen boom.

Ook daar zien we Geelruggen maar deze zijn niet te vangen.

We klimmen en klauteren over de bomen, André doet een aap na, hij lijkt er wel op.

Ik zit onder de schrammen en bulten en ik heb een wond op mijn been.

Deze is al 2 weken oud maar ik stoot hem elke keer weer open.

De anderen zitten ook vol met kleine verwondingen en bulten.

Ton heeft last van grasluizen want hij heeft in Saül op het vliegveld in het gras gelegen.

Hij heeft overal jeuk.

Groepen ara’s komen over en ook de Toekans zijn van de partij, het is een mooi gezicht.

De berg waar we zijn de Mont Carimore is soms erg steil.

Om 10.00 u breken we het kamp af en varen we weer terug naar Regina.

Onderweg komen we jagers tegen met een boot en een koelkast aan boord.

Daar bewaren ze het geschoten wild in.

In Regina laden we de boot achter de auto, en rijden twee uur voordat we thuis zijn.

Thuis aangekomen eten en drinken we en ruimen we onze spullen op.

  

20-12-97, CAYENE

 

Nog een bezoek aan de stad en op het postkantoor sturen we de planten op.

Het is bijna kerst, dat komt hier anders over dan in Holland.

In het centrum komen we twee zwarte Kerstmannen tegen, heel apart hoor.

Joep heeft ook een kerstboom staan.

Willy en ik kopen een goudnugged dat is een ruw klompje goud.

Dat is voor Ria zij heeft mij aangemoedigd om mee te gaan met deze reis.

Alhoewel ze zelf ook wel mee had gewild, maar drie weken oerwoud vond ze te lang.

Wie weet gaan we eens samen.

Ook koop ik een cd met oerwoud geluiden.

Terug naar huis en daarna in Joep zijn oeroud rond gekeken, je komt elke keer weer iets anders tegen.

Ook heb ik de verzameling slangen van Joep gefotografeerd.

Een groene boom boa: Corallus canius, regen boog boa: Epicrates cenchria.

 

 

21-12-97, Bezoek aan de markt in CACAO.

             

Op zondag markt aangekomen lopen we eerst door het dorp waar wij nog kikkerlarven in een poeltje zien.

Op de markt wordt er eten en drinken, potten en pannen en kleurrijke doeken verkocht.

Bovendien is er een museum waar opgezette insecten, zoals vlinders, kevers en levende spinnen te zien zijn.

Er staat buiten een suiker pan van 3 meter doorsnede, daar gaan we met zijn allen inzitten en Joep maakt enkele foto’s.

Op de terug weg zien we een gekapt bos, daar word door de mensen van het dorp groente en fruit in geteeld.

Om 13.30 u zijn we weer thuis en we pakken onze spullen voor de terugreis.

Het valt niet mee om alles in de koffer te krijgen, de hangmat gaat ook mee.

Oude kleding laten we achter, ik heb 23 dia rollen volgeschoten, dat zijn ongeveer 800 opnames.

We rekenen nog wat af, ik moet nog 80 fr betalen. Ik had meer dorst dan gepland.

We krijgen een afscheid diner en Marijke heeft weer eens flink haar best gedaan.

Ze kookt altijd heel goed daar zijn we haar erg dankbaar voor.

Met hun zoontje Bernie hebben we ook veel plezier gehad.

En Joep, daar hebben we een geweldige gids aan gehad en veel plezier mee gemaakt.

Uiteindelijk gaan we naar bed.

22-12-97, Vertrek naar huis.

 

Om 5.30 u zijn we opgestaan en ontbeten, we namen afscheid en bedanken voor de goede zorgen.

Om 7.00 u zijn we op het vliegveld en we nemen afscheid van Joep.

Het vliegtuig heeft vertraging hij gaat pas om 14.00 u weg.

Het wachten in de vertrekhal duurt lang.

Dan vliegen we naar Parijs, 1.30 u tijd we worden opgehaald door jan.

Om 7.00 u in Asten aan gekomen en Ria haalde mij op.

Dan zit de reis er op.

Het is een mooie tijd geweest.

Ik hoop weer eens terug te gaan met Ria.