5f44b755
U gebruikt een verouderde browser. Wij raden u aan een upgrade van uw browser uit te voeren naar de meest recente versie.

04-12-97,RIVIER LA COMPTE.

 

We vertrekken deze dag met Joep en nemen de motorboot mee, het was ongeveer 9.00 u in de ochtend. De boot gaat achter de bus en we gaan naar een plek om de boot te water te laten. Uiteraard ging er weer eten en drinken mee en onze hangmaten ook want het wordt een meerdaagse tocht. Als we op de afmeer  plek aangekomen zijn, laden we alles in de boot en varen we de rivier op, we zij omgeven door oerwoud. Het oerwoud staat gedeeltelijk in een gele bloeiwijze, er zijn veel mangrovewortels en enkele vogels scheren laag over het water. Het is een prachtig gezicht en een mooie ervaring. Joep maakt wat vaart de boot licht goed in het water de spullen liggen verdeeld in de boot. Ton en Willy voorin de boot André en ik achterin wij zijn zwaarder dan de anderen. Af en toe liggen er bomen in het water Joep ontwijkt ze als je de boomstammen met de schroef raakt is deze kapot en dat is niet best. Dan moeten we terug zwemmen, Bij het dorp Cacao gaan we aan land om een wandeling door het dorp te maken en we zien Dendrobates ventrimaculatus, (kikker 3 cm groot) kwinken dus. André vind een zeer grote kwink hij is er helemaal verliefd op, maar de kikker klimt in de boom omhoog naar de bromelia’s André gaat de kikker niet na. In het dorp zien we de mooie bloeiwijze van de Fajalobie. Dat is een struik met oranje rode bloemen. We varen weer verder over deze mooie rivier. We komen stroomversnellingen tegen en bij een ervan moeten we uit de boot. Joep vaart zonder ons door de stroomversnelling, de boot heeft dan minder diepgang, wegen we dan zoveel zult u zich afvragen? Neen hoor het is laagwater vandaar. Op het eilandje leggen we even aan en we gebruiken die tijd meteen om wat te eten en te drinken. Ton maakt een vishengel van een tak en wat draad en hij vangt een paar zalmpjes. Na deze onderbreking varen we verder en na ongeveer 2,5 u totale vaartijd gaan we aan land. In het oeroud staat een carbet dat is een afdak van golfplaten die aan de zijkant open is. Dan kunnen de dieren zonder zich te bezeren onderdoor het afdak lopen. Ook staat er een tafel en een oude houten bank het is dus voor ons een zeer luxe onderkomen. We hangen de hangmatten op nu het nog licht is en Joep gaat slapen op zijn matje op de grond. Hij houd niet van hangmatten, het is nu pas 14.00 u in de middag. Wij gaan met z’n allen langs de rivier wandelen op zoek naar planten en dieren. We vinden veel Bromelia’s, Orchideeën en Tillandsia’s, we klimmen in bomen we lijken wel apen en 25 jaar jong. Willy en Ton gaan vissen, Ton vangt enkele zalmpjes en Willy heeft enkele Piranha’s aan de haak geslagen, ze zijn ongeveer 25 cm lang. De eerste gedachte van mij was dat ik de ervaring wilde beleven hoe deze vis zou smaken. We vissen ook op een andere manier namelijk, met een sleepnet. Onze vangst was lorecaria en Plectostomus, dat zijn kleine meervallen. Ton gaat het water in tot aan zijn schouders hij kan niet zwemmen maar dat weten de Piranha’s niet. Om 18.30 u is het donker en de verlichting bestaat uit een kaarsje enkele zaklampen en koplampen. Joep kookt bonen met rijst en groente, het is te eten maar hij kookt lang niet zo goed als Marijke. Ton maakt ondertussen een vuur, ik maak de 2 Piranha’s schoon en  rooster ze op het kampvuur. Willy en ik eten ze op, ze smaken verder prima.

 

We drinken PUNS en dat maak je als volgt: 2 kg  suiker,  2 liter water, 3 kaneelstokjes en 3 bolletjes gember. Dit inkoken tot 1 liter. In het glas 2 cm rum daarna 2 cm PUNS en een schijfje citroen (zoals het bovenste recept beschrijft) in het glas doen. Dat is heerlijk!!!!!.

Het regent weer en we gaan in het donker nog enkele geluiden van het oerwoud opnemen. Bij de waterkant zit een krab spin van 20 cm groot Hypotomus of Ancistrus dat is een spin met scharen als van een krab. We gaan in de hangmat liggen de mijne kraakt nogal dat komt door de mastworp die ik vroeger bij de verkenners heb geleerd. Iedereen moet erom lachen maar ik val niet naar beneden. Ik zet mijn zaklamp naast de hangmat omdat ik s ’nachts altijd een kleine behoefte moet doen. Het is echt aarde donker dat maak je thuis nooit mee, ook veel geluiden, je voelt je echt een met de natuur en met de nacht. Maar je bent niet alleen de insecten zijn er ook. Wanneer het zover is om een plasje te plegen kan ik de zaklamp niet meer vinden, blijkt dus dat ik aan de verkeerde kant van de hangmat uitgestapt ben. Je ziet ook niets in het donker. André wordt ook wakker, doet zijn lamp aan en we gaan samen een plasje plegen. De geluiden s ‘nachts blijven adembenemend als je zo in je hangmat ligt naar de sterren te staren.

 

05-12-97, LA CÔTE’.

 De tweede dag zijn we om 6.30 u opgestaan. We wassen ons in de rivier en we breken het kamp op, geen rommel achterlaten vind Joep, dan ontbijten. We zijn om ongeveer 8.00 u weggevaren en onderweg vangen we nog wat vis met het net.Op de oever hebben we 2 Capibara’s gezien. Onderweg veel mooie bloeiwijze van de watercacao 11.30 u  terug bij de bus, laden de boot op de trailer en rijden naar huis. Om 11.00 u zijn we weer thuis. De rest van de dag rustig aan gedaan.

 

06-12-97, Het natuurreservaat TRESOR.

 Dit is een oerwoud van 25.00 ha groot en dat is gekocht door de Universiteit van Utrecht. De grootste tuin van Utrecht dus, dat spreekt André en Joep wel aan. Ze komen er zelf ook vandaan en er word regelmatig door deze twee dit dialect gesproken. He Jochie, en dat is dan weer lachen geblazen. Ton heeft er soms moeite mee. Hij komt uit Rotterdam de stad met die beroemde voetbalclub. Het reservaat is een beschermd natuurgebied geworden door deze aankoop. Er mogen geen bomen gekapt worden en er mag ook niet gejaagd worden, Joep heeft hier het toezicht over. We vinden een slang zonder kop en een schuimnest van een kikker. Het pad is zwaar begroeid en we komen bij een beekje waar vroeger een jagerskamp was. Ook horen wij de Epipedobates femoralis (kikker) overal maar zien hem nooit. Daarna keren we terug en komen op de weg. Ook rijden terug naar het uitzichtpunt en  gaan daar wat eten. Onderweg vinden we een doodgereden Ayra, dat is een martersoort.

                                                                                                            

***Mont GABRIELLE. ***

 

Joep zet ons af aan de andere kant van de weg hij gaat naar huis, we lopen de  heuvel af  naar beneden en volgen een pad waar veel Bromelia’s zijn. We zien Mabuya mabuya en Ameiva ameiva beiden  hagedissen soorten. Het regent veel. Het pad is smal en glad met veel omgevallen bomen. We komen bij een beekje en rusten even uit kijken nog wat rond en gaan daarna gaan terug. Door een misverstand raken we elkaar bijna kwijt. Om 17.30 uur haalt Joep ons weer op. Joep luistert meestal om 18.00 u naar de Wereldomroep, er is verder geen tv, of radio. Hij heeft zonne-energie de koelkast en wat lampjes branden hier op Na het eten drinken we wat en praten we over de dingen die we vandaag hebben gezien. Joep gaat ‘s avonds vroeg naar bed  maar is ‘s morgens om 5.00 u op. Een echt natuurmens, Marijke ook. Hij zegt tegen mij als je hier woont ga je ‘s middags slapen en ‘s avonds vroeg naar bed. Anders houd je het niet vol, hij heeft gelijk denk ik. Hij kent daar geen gejaagd leven. Als ik aan hem vraag wanneer of hoe laat we gaan, zegt hij, als we klaar zijn, of als we zin hebben, tijd genoeg, en als ik hem op de savannen  bezig zie met zijn kruiwagen is het een en al rust wat deze man uitstraalt. Hij kan wel een rustoord voor overspannen Europeanen beginnen. Toch is hij niet zonder zorgen, ik moet wel zorgen dat mijn spullen zoals, de ­­auto’s, boot, de buitenboordmotoren, kano’s in orde zijn. De dieren heb ik niet op bestelling maar het is leuk als de gasten zien waarvoor ze zijn gekomen. En dat kan alleen als je de spullen goed verzorgt, en dat was volgens ons wel voor elkaar.  

 

07-12-97, De grotten van KAW.

André is jarig, hij heeft post ontvangen uit HOLLAND en Marijke heeft slingers opgehangen. Uiteraard zingen we een liedje voor hem, het is best bijzonder nu jarig te zijn en 49 te worden. We vertrekken, om 12.00 u zijn we bij de zagerij, ondertussen nog even weer genieten van  het uitzicht over het oerwoud bij een uitzichtpunt. Er is daar ook een vogelaar hij heeft een telescoop opgesteld. En we zien op een afstand van 500 m een hangnest in een boom maar dan wel beeldvullend. Ook de vogels zijn bij het nest, een mooi gezicht. Het regent heel erg hard en we zijn allen nat tot op het bot. We komen bij een kloof die ongeveer 5 meter diep is. We dalen af via een touw. Joep gaat eerst en hij geeft ons aan waar je je voeten moet neerzetten op de rotsen. André’ raapt al zijn moed bij elkaar en komt als laatste naar beneden. Hij wil op zijn verjaardag niet verongelukken. Dat zal ook niet gebeuren daar is Joep te nauwkeurig voor, veiligheid voor alles is zijn leus. Het is een grote donkere grot. Kijk uit voor gifslangen!  zegt Joep. We hebben poncho’s aan voor de regen maar die helpen niet echt en het is er erg donker. Ik probeer te fotograferen het lukt net als je het via een tijdopname doet en het toestel op een steen zet. Wij hebben een aluminium raamwerk meegenomen en houden dit op mooie plaatsen in het oerwoud. Het lijkt dan op een vooraanzicht van een terrarium, wel een natuur terrarium.Dit is een idee van Joep en ik noem dit een troparium. Ik maak daar dia’s van welke ik weer kan gebruiken voor de lezingen. Om 16.00 uur gaan we naar huis. ’s Avonds is er een verjaardagsfeest, Marijke heeft een taart gebakken en André geeft een rondje. Het eten dat Marijke maakt is zeer goed, ook gevarieerd zoals rijst, aardappelen, diverse groenten, fruit mango’s enz. Niemand is ziek geworden van het eten en dat is aan haar te danken, ze kan wel een eet­huis beginnen. De spullen werden gepakt voor onze tocht naar Saul de volgende dag. Dit dorp is gelegen 250 km het binnenland in er zijn geen wegen, je moet dus vliegen. We gaan daar naar toe omdat daar een gele vorm Dendrobates tinctorius (kikker)voorkomt. Ik ben benieuwd of we deze vinden.